Een gesprek met Stephan Valk en Toosje Valkenburg, speciaal gezanten aanpak regeldruk
Toosje Valkenburg en Stephan Valk zijn als speciaal gezanten verbonden aan de Regiegroep Aanpak Regeldruk. Hun opdracht is helder: bewaken dat de gezamenlijke afspraken daadwerkelijk worden uitgevoerd en dat regeldrukvermindering niet blijft steken in intenties, maar leidt tot merkbare verlichting op de werkvloer. De vraag is nu niet Ăłf, maar hoe deze afspraken daadwerkelijk worden gerealiseerd.
In het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullende Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) is afgesproken om administratieve lasten te halveren. De doelstelling is dat zorgprofessionals vanaf 2030 gemiddeld maximaal 20 procent van hun tijd besteden aan administratie. Met de lancering van de tweede versie van het Plan van Aanpak van Regiegroep Aanpak Regeldruk en de bijbehorende werkagendaâs van de deelnemers krijgt deze ambitie een concreet vervolg.
Gezamenlijke verantwoordelijkheid
De Regiegroep Aanpak Regeldruk is geen vrijblijvende overlegtafel. âIntegendeelâ, benadrukt Stephan Valk. âHet Integraal Zorgakkoord en het AZWA is door ĂĄlle partijen ondertekend; niet alleen door de branches, maar door alle individuele verzekeraars, zorgaanbieders, toezichthouders, en de overheid. Iedereen die zich heeft gecommitteerd aan deze doelen, is dus voor haar deel aan zet. Het moet dan ook op alle plaatsen gebeuren. En als je Ă©cht iets wilt veranderen in deze sector, moet je samen je verantwoordelijkheid nemen.â
De rol van de gezanten is dan ook niet om zelf regels te schrappen. âWij voeren op dit gebied niets zelf uit,â zegt Toosje Valkenburg. âWij jagen aan, proberen bruggen te slaan en creatieve oplossing te verzinnen. We blijven herhalen wat er is afgesproken en we vragen: wat dóén jullie daar concreet mee?â Dat gebeurt soms subtiel, soms confronterend. En altijd met dezelfde kernboodschap: regeldruk is geen natuurverschijnsel. âHet is geen zelfrijzend bakmeel,â zegt Toosje Valkenburg. âRegeldruk wordt door mensen veroorzaakt. En dus kan het ook door mensen worden veranderd.â
Vijf tot zes uur per week extra
Een van de meest zichtbare afspraken uit het AZWA is de doelstelling dat zorgprofessionals maximaal 20 procent van hun tijd aan administratie besteden, grofweg één dag per werkweek. Volgens Stephan Valk is die norm allesbehalve symbolisch. âGemiddeld zit de zorg nu op 35 tot 40 procent administratietijd. Dat is onhoudbaar. Als je die tijd terugwint, heeft elke hulpverlener ineens vijf tot zes uur per week extra. Die kun je besteden aan patiĂ«nten, samenwerking, scholing of simpelweg minder werkdruk.â Die doelstelling is bewust eenvoudig gemaakt. Geen abstracte percentages of complexe definities, maar iets wat iedereen snapt. âDan weet iedereen waar hij aan toe is,â zegt Stephan Valk. âEn dan kun je elkaar er ook op aanspreken.â
Toosje Valkenburg ziet hoe administratieve druk ook de kwaliteit van zorg raakt. âMinder tijd betekent slechtere communicatie. Klachten gaan bijna altijd over communicatie of een vermeend tekort in behandeling, aandacht of onderzoek. Als je mensen goed kunt meenemen in keuzes en beperkingen, ontstaat er veel meer begrip.â
Van risico naar vertrouwen
Een van de grootste uitdagingen is het doorbreken van de zogeheten risico-regelreflex: bij elk incident is er de neiging om nieuwe regels in te voeren. De afspraak is helder: komt er iets bij, dan moet er ook iets af. Maar minstens zo belangrijk is een verandering in denken. âWe moeten af van de illusie van totale controle,â zegt Stephan Valk. â90 procent is vaak meer dan genoeg om een goed oordeel te vormen.â Toosje Valkenburg vult aan: âHet gaat om vertrouwen in vakmanschap, mĂ©t rekenschap. Verantwoording afleggen hoort erbij, maar dat hoeft niet altijd op papier. Dat kan ook professioneel, in gesprek.â
Cruciaal in het Plan van Aanpak is het onderscheid tussen zinvolle en onzinnige administratie, een taal die volgens de gezanten helpt om het gesprek te kantelen. âProfessionals willen echt wel registreren,â zegt Toosje Valkenburg. âEen behandelplan, overdracht aan collegaâs of uitleg aan de patiĂ«nt - dat hoort bij goed werk. Maar de laatste tien procent, die niets toevoegt en vooral bedoeld is voor controle op afstand, dĂĄĂĄr gaat het mis.â Dat blijkt ook uit de veldbevraging die is gedaan onder huisartsen, wijkverpleegkundigen en ggz-professionals. De angst dat zij âniets meer zouden willen opschrijvenâ bleek ongegrond. âZe weten heel goed wat nodig is,â zegt Stephan Valk. âMaar ze willen niet dat 90 procent van hun inspanning gaat naar de laatste 10 procent registratie.â
Voor de komende periode hopen de gezanten vooral op verbreding en versnelling. Stephan Valk: âOver een jaar moeten alle instellingen, regioâs en landelijke partijen aantoonbaar actief zijn op dit thema. Niet alleen koplopers, maar het hele stelsel. Er zijn al veel goede initiatieven en resultaten. Neem die alsjeblieft over in plaats van je eigen verschillen te benadrukken. Tegenwoordig wordt er gezegd: proudly copied from!â
Toosje Valkenburg: âDe ambitie ligt vast. De vraag is nu of we bereid zijn die ook echt waar te maken.â Wat daarvoor nodig is? âJe moet je durven verzetten, en tegelijkertijd rekenschap afleggen over je verzet. Maar dat hoeft niet op papier.â Uiteindelijk komt het volgens Stephan Valk daarop neer: âLef, en rekenschap en professionele ongehoorzaamheid daar waar het nodig is.â
Meer weten?
Meer informatie over de regiegroep is te vinden op de webpagina van de regiegroep.